Vinkies.reismee.nl

Thuis!

Thuis

1 december

Zo vrienden, meelezende reizigers. We zijn weer thuis! Na nog een heerlijke dag in Adelaide doorgebracht te hebben met prachtig weer (tegen de 30 graden), shoppen en heerlijk eten was de tijd weer aangebroken om de spullen in te pakken en de thuisreis te aanvaarden. ‘s Avonds al zo veel mogelijk ingepakt en ‘s morgens de resterende spullen erbij gestoken in de koffers. Met de taxi naar het vliegveld, met een hele aardige indiase chauffeur (met tulband) en dat prachtige engels-indische taaltje. Bij het inchecken gevraagd of er een wat betere stoel voor Debbie beschikbaar was, en ook dat lukte. In elk geval voor het stuk naar Singapore. De vlucht werd uitgevoerd met een Airbus A330, een iets betere kist dan het barrel waar we mee vanuit Singapore naar Sydney gevlogen zijn aan het begin van onze reis. We hadden al gehoord en gelezen dat er in Singapore de mogelijkheid bestond om een, gratis, bustour te doen door de stad. Bij de gate stond netjes een pusher te wachten om ons op te vangen (en om Debbie te duwen), dus die hebben we gevraagd ons naar de plek te brengen waar die bustour geboekt kon worden. Zat een erg druk doende meneer achter de balie die ons heel veel instructies gaf en onze gegevens noteerde. En met de strikte opdracht om er om vijf uur te zijn. Nou, dat ging ons wel lukken. Beetje rond gekeken op het vliegveld; we waren om 15:00 uur geland, dus de tijd vloog voorbij. Na het melden werden we door een andere gids meegenomen naar een andere terminal alwaar meer mensen stonden te wachten. Daar kregen we een ander gids, een dame, die ons ook weer voorzag van de nodige instructies. Moest wel allemaal strak en duidelijk zijn omdat we op een eendaags visum Singapore in zouden gaan. In de bus kregen we het nodige te horen over het ontstaan van het stadstaatje. en dan ineens zie je dat beroemde gebouw met die grote tuin bovenop, nou tuin, het lijkt wel een heel bos. We werden aan de overkant van de haven gedumpt en moesten ons na twintig minuten weer melden bij de bus. De tijd gaf ze ook nog eens overduidelijk aan op een lullig kinderklokje, zo dat de niet-engels sprekende russen ook begrepen hoe laat ze er weer moesten zijn. Niet op tijd terug was pech hebben, mocht je een taxi terug nemen naar het vliegveld (op eigen kosten!). Tweede stop was bij de Gardens; onderweg daar naar toe reed er nog iemand tegen de bus aan of de bus reed iemand aan. Er klonken duidelijke schampgeluiden in elk geval en de mensen achterin de bus konden zien om welke auto het ging. Er werd even gestopt en na een hoop gedoe bleef de reisleidster op de plek van de aanrijding en wij werden in de Gardens gedumpt; 19:10 klaar staan! Aan de bus was trouwens weinig schade te zien. De Gardens zagen er mooi uit, veel kerstsfeer. Singapore was ook heerlijk warm, alleen was de luchtvochtigheid erg hoog en dat merkte je wel. Was best wel benauwd daar. We stonden al weer netjes te wachten toen de bus er weer aan kwam. De reisleidster was er ook weer bij en het war geregeld met de tegenpartij. Weer terug op de luchthaven zijn we nog even wat wezen eten en daarna zijn de dames nog weer even wezen shoppen. En toen was het tijd om te boarden. Tijdens het daaropvolgende taxiën meldde de gezagvoerder dat er technische problemen waren en dat we terug gingen naar de gate. Het schijnt dat ik er weinig van mee heb gekregen want ik heb lekker liggen pitten, vertraging van een kleine twee uur! En de vlucht duurt al dertien uur! Bwèèèhh, maar ja het is niet anders, het moet wel veilig zijn! Dus we landen pas tegen half negen vanmorgen. En ineens ben je dan weer terug in ons koude kikkerlandje, brrrrr. Was even wennen, maar goed dat het niet zo koud was als vorige week. Afscheid genomen van ons reismaatje Samantha en daarna wachten op de bus die ons naar vd Valk zou brengen, waar ons autootje stond te wachten. Gauw de spullen ingepakt en op weg naar huis. En rond twaalven waren we weer thuis, de hondjes waren helemaal door het dolle heen natuurlijk. Ze bleven maar blij om ons heen draaien en springen, altijd weer fijn om te zien. De oppassers hadden goed voor ze gezorgd en er stond ook nog stoofvlees voor ons gereed om ‘s avond op te warmen! Dus daarstraks lekker hollands prakkie gegeten en dan ben je dus weer echt thuis.

We hopen dat jullie, door het meelezen, net zoveel genoten hebben als wij in het echie hebben gedaan. En we kunnen het iedereen aanraden, het is een eindje vliegen, maar ga, als het kan, absoluut eens naar Australië. Een prachtig land.

Adelaide

Maandag 28 november

Vandaag zijn we nog maar eens naar een dierenpark getogen; Gorges park. We moesten op tijd zijn want om half twaalf was het knuffeltijd met de koala’s. Dus op tijd vertrekken! De rit voerde ons weer de bergen in. In een mum van tijd zaten we weer op zo’n vierhonderd meter hoogte, dus mijn stuurmanskunst werd weer flink op de proef gesteld. Maar naar vier weken heb ik toch wel redelijk door hoe het beest stuurt. We dachten dat het op een maandag niet zo druk zou zijn. #not!!! Hele schoolklas aanwezig! Maar we hadden er geen last van hoor, netjes opgevoede groep tweeers, dus dat viel mee. De dame aan de kassa gaf aan dat het terrein niet echt geschikt was voor rolstoelen en daarom mocht Debbie gratis mee. Het was inderdaad een terrein vol met heuvels en dalen. Op sommige stukken moest Debbie toch maar even lopen, was niet te doen met de rolstoel. Park was kleinschalig, maar wel veel leuke beestjes (al moeten ze eigenlijk in vrijheid zijn, vinden wij). Hoogtepunt was natuurlijk het even mogen vasthouden van een koala! Het beestje was erg rustig, negen jaar oud en een kilo of zes. We mochten als eerste (ieder nadeel hep ze voordeel) en we konden ruim de tijd nemen om elkaar op de foto te zetten. Zal ze uploaden naar het fotoalbum. Al zijn de FB-profielfoto’s al wel gezien, denk ik.

Toen we alles wel zo’n beetje gezien hadden vertrokken we weer de heuvels in, maar nu in de afdaling. Op een gegeven moment nog mooi uitzicht op de stad, al moest ik uiteraard wel goed op de weg letten. Toen we bijna in Adelaide waren bleek een chauffeur in de andere richting niet zo goed opgelet te hebben. Elektriciteitskabel lag over onze weghelft verspreid, was vlak voordat wij passeerden door een te hoge truck meegenomen, mast scheef, kabels op straat en gelijk file natuurlijk. En wij stonden vooraan op de linker helft. Voor ons op de rechterhelft nog wat auto’s. Mensen maar even gezegd dat ze terug moesten gaan, dat er spanning op de kabels stond. De brandweer was er al snel en die zeiden tegen mij dat het kabels met een hoog voltage waren en dat het wel even zou gaan duren. Of ik achteruit kon? Tuurlijk, alleen stond er een bus achter me. Maar even sturen naar de andere weghelft en dan honderd meter achteruit; geen probleem!! De veroorzaker was natuurlijk doorgereden, zal een duur grapje worden voor ‘m, als ze ‘m nog te pakken krijgen. Met een kleine omweg bereikten wij uiteindelijk ons hotel. Alwaar Debbie zei: “Misschien handig om de camper schoon te maken en vast in te leveren”. Dat vonden we een goed plan. Zo gezegd, zo gedaan. De meeste spullen waren er toch al uit. Bleek een klein half uurtje rijden te zijn naar Apollo. Daar deed men ook heel relaxed v.w.b. het inleveren. De mankementen aangegeven en gelijk reparatienota ontvangen, zodat ik de schade, van het zonnescherm, bij de verzekering kan claimen. Met de taxi terug naar het hotel en daarna met de tram weer door naar de City. Want er moest nog wel gegeten worden. Ja, buuf Nicole, wederom :-). De dames gingen aan het fastfood van restaurant de Gouden Boogjes en ik nam iets van de Aziaat. Mijn bord vol kostte acht dollar, en smaakte honderd keer beter dan de hele maaltijd van gisteravond hier in het hotel! Daarna nog even chocolaatjes ingeslagen bij Haigs, lokale chocolaterie. Mjam mjam. En zo was onze een na laatste dag ook al weer gevuld. Morgen nog een dagje shoppen en relaxen hier in Adelaide en dan woensdag weer op weg naar huis.

Good night (good day voor jullie, tegenvoeters)!

Raar is het!!

Het klopt niet, het is raar....

Zondag 27 november 2016

Vreemde titel? Niet echt hoor, voor ons Europeanen. Ik zie mijn loopmaatjes, op foto’s, in winterkleding. Dat klopt met ons gevoel van aankomende kerst. En hier in Adelaide was het vandaag 25 graden en de mensen zijn kerstinkopen aan het doen en de hele stad ademt kerstsfeer uit. Het klopt niet, het is raar…

Maar ach, we nemen het maar op de koop toe, het weer is eindelijk heerlijk warm. We genieten nog even van de laatste paar dagen van onze reis. Gisteren zijn we, mede door een aanlokkelijke folder naar Port Adelaide gereden. Het was er behoorlijk rustig, dat had al een waarschuwing kunnen zijn. Er was namelijk niet echt veel te doen. De dames zijn een beetje gaan winkelen in een beetje aftands winkelcentrum en ik ben naar een luchtvaartmuseum geweest.

Het museum was wel leuk opgezet, al was het erg klein. Alle vliegtuigen stonden over elkaar heen, de groten uiteraard over de kleintjes. Jullie snappen wel wat ik bedoel. Was wel goed om te zien dat er ook een Fokker F27 aanwezig was. Onze eigen trots. De staf was wel spraakzaam en vonden het leuk dat ik veel belangstelling toonde en toen ik foto’s liet zien van de Catalina was het ijs gebroken. Ze vonden het prachtig toen ik vertelde dat ik van de zomer mee gevlogen had. Moest vertellen wat ze daar deden in Lelystad. Ook grappig was dat er twee vliegtuigtypes aanwezig waren die voorkomen in een boek wat ik nu aan het lezen ben. Een was nog maar net binnen! Toeval?

Daarna heb ik de dames opgezocht, die waren ook bij een adoptiewinkel geweest, voor katten! Ik moest natuurlijk ook even mee om te kijken, tja, het was weer cute-ness all over. Maar goed dat we ze niet mee kunnen nemen :-)
Gezien het feit dat het ons erg tegenviel zijn we maar teruggegaan naar de camping en hebben de rest van de middag en avond lekker gerelaxed. Eten bestond uit zelfgemaakte hamburgers, we konden er weer tegen.
En vandaag, zondag 27 november, zijn we op tijd opgestaan om naar het hotel te gaan. We hebben de laatste drie nachten maar besloten om lekker in een hotel te gaan bivakkeren. Dus het was de boel een beetje opruimen en alles wat nog bruikbaar was weg te geven aan een paar aardige mensen op de camping. Zoals te verwachten wilden ze het eerst niet aannemen maar na enig aandringen accepteerden ze het toch. No worries!!
Toen zijn we naar het hotel gereden, we waren natuurlijk veel te vroeg om al naar onze kamer te kunnen. Ik heb al wel vast ingecheckt, konden we nadien gelijk naar boven. Toen zijn we maar met de (gratis) tram naar het centrum gegaan. Ritje van een klein kwartier. Adelaide blijkt een hele mooie stad te zijn, heel ruim opgezet en veel mooie gebouwen. En er is een hele brede winkelstraat! Met allerlei soorten van winkels en winkeltjes, bekende ketens en minder bekende. Dus van alles wat. Er zijn nog de nodige souvenirs aangeschaft en uiteraard hebben we nog wel wat gegeten (sorry buuf Nicole :-) ). Toen we zat waren hebben we de tram terug genomen en ingecheckt. Kamer is redelijk ruim, alleen een beetje shabby. Men is nog druk aan het renoveren, maar voor het geld verwacht je eigenlijk beter. En het balkon zit onder duivenpoep, lekker fris. Toen Sammy en ik de spullen uit de camper aan het halen waren bleek er zelfs een duif bij Debbie in de kamer te zitten! Lekker dan.
De camper was vrij snel leeggehaald, gelukkig hadden we even een trolley geleend anders hadden we wel een paar keer moeten lopen. Gelijk maar even uitgezocht wat we nog nodig hebben en alvast een koffer ingepakt, dat scheelt dinsdagavond weer. Gegeten hebben we in het hotel, maar dat was, achteraf, niet zo’n goed idee. Was niet echt een goede maaltijd. Andere dagen maar in de stad eten!
Nu nog even badderen en dan proberen te slapen. Want het is ook nogal luidruchtig in de kamer. Lijkt wel of we naast de machinekamer liggen, en dat op 5 hoog. Vrees dat de recensie van dit hotel, wat ons betreft, niet goed gaat worden. Wat, ik weet het wel zeker! Good night, friends.

Eindbestemming bereikt

Vrijdag 25 november

Adelaide!

We zijn op onze eindbestemming aangekomen: Adelaide!
Hier hebben we nog wel een aantal dagen te gaan, maar we zijn er. Vanuit hier gaan we nog wel wat dagtripjes maken.
Eerst moet ik nog iets vertellen wat ons opviel toen we richting Mount Gambier en verder reden. Overal langs de weg zagen we aan hekken etc veiligheidsvestjes hangen. Nu is dat niet zo bijzonder; iedere arbeider, hier in Australië, draagt zo’n vestje. Of oranje of geel, reflecterend in elk geval. We dachten in eerste instantie: Zou dat zijn omdat men personeel nodig heeft of zoiets. Helaas kwamen er snel achter dat dat niet het geval was. In een winkelcentrum zagen we de harde werkelijkheid: Vier arbeiders waren bij een ongeval om het leven gekomen. En die vestjes ophangen was de manier om respect en medeleven te tonen. Toch een heel mooi gebaar bij zo’n verschrikkelijke gebeurtenis. Toont weer wat een topvolk die Aussies zijn.
We waren dus in Lake Albert, en ‘s avonds was al duidelijk te zien dat het een onbewolkte nacht ging worden. ‘s Avonds waren er al veel sterren te zien. ‘s Nacht, om 3 uur moest er geplast worden en wierp ik even een blik naar buiten. Wow! Een prachtige sterrenhemel! Debbie kwam ook even kijken en we hebben Samantha ook maar even wakker gemaakt om van dit moment te genieten. Was echt prachtig, de melkweg recht boven ons hoofd. Had ik toen al maar vast wat foto’s gemaakt (zo bleek de volgende nacht).
‘s Morgens zijn we van Lake Albert op weg gegaan naar Victor Harbor. Eerst hebben we nog even een stop gemaakt bij de lokale bakker voor koffie, thee en gebak en voor mij een worstenbrood,; brood ja. Het was me een hap, kon geen pap meer zeggen. Ook de donut van Samantha en Debbie’s gebakje was van behoorlijke afmeting.
De reis van vandaag was een flinke rit, omdat we helemaal om Lake Albert heen moesten rijden. Was weer een enerverende rit, veel heuvels op en af, onafzienbare velden, bossen en wijngaarden. We zitten hier in de wijnbouwstreek van Australië. Uiteindelijk kwamen we in Victor Harbor aan en reden naar de uitgekozen camping. Maar alles bleek volgeboekt te zijn! Het was een soort spring-break weekend, dus er was nergens plek in Victor Harbor zij de dame van de check-in. Was wel netjes dat ze ons wat alternatieven aanbood. De dichtstbijzijnde camping bleek echter wel aan de andere kant van dit schiereiland bleek te liggen. Afijn, adres ingetoetst en nog weer drie kwartier heuvels op en af. En zo kwamen we in Normanville terecht. Camping aan de kust; rustig met veel vaste bebouwing (kleine huisjes met vaste bewoners). Maar er was in elk geval plek. Camper geïnstalleerd en we konden weer ons gang gaan. Het weer wordt steeds beter hier, gelukkig wel want we hebben toch behoorlijk wat kou geleden de afgelopen tijd. Ook hier was weer een druk bevolkt strand (not), weer mooie wandeling gemaakt. De dames gingen even een tukje doen daarna. En ik ging eens uitzoeken wat er te doen was in het dorp. Nou, dat was niet veel. Ook qua restaurants was er niet veel te beleven, maar gelukkig was er wel de. alom tegenwoordige, pizzabakker. Onze redder in de nood. Was iets te ver om te lopen, dus camper zoveel mogelijk losgekoppeld en gaan! Iedereen zijn bestelling geplaatst, 25 minuten wachten, en weer terug naar de camping. En smikkelen maar; we konden geen puf meer zeggen daarna. Oh oh we groeien nog eens dicht. Valt wel mee hoor, want we lopen ook meer dan genoeg. Toen het donker genoeg was ben ik, met camera, richting het strand gelopen om eens proberen wat foto’s te maken van de sterren. Dat is op zich goed gelukt, al zeg ik het zelf. Alleen de melkweg was nog niet in beeld. Maar wel gigantisch veel sterren en ook nog een meteroriet zien gaan. Prachtig. ‘s Nachts heb ik nog even naar buiten gekeken maar helaas was het bewolkt. Had ik het de nacht ervoor maar gelijk moeten doen!
Vandaag, vrijdag 25 november, zouden we naar Port Adelaide gaan, een soort recreatiegebied met allerlei activiteiten zoals musea en ook dolfijnen aan de kust. Voor elk wat wils dus. De rit was ook weer geweldig, door de heuvels, met soms prachtig uitzicht over de kust, en uiteindelijk afdalend naar Adelaide en zijn voorsteden. Ergens zagen we een winkelcentrum dus we besloten boodschappen te gaan doen. Maar na enig overleg bleken we, buiten melk, helemaal niets nodig te hebben. Toen hebben we maar even lekker geluncht. We blijven eten :-) Eenmaal terug in de auto was er overleg, of naar Port Adelaide of naar een camping. Was eigenlijk wel handig. Hadden we vast een plek. Adres ingetoetst en er naar toe gereden. Meld ik me, blijkt er geen plek te zijn. Het Australische cricketteam blijkt hier in Adelaide te spelen, komend weekend, dus iedereen wil/moet daar bij zijn. Oeps en nu? Hij vroeg hoelang we wilden blijven en ging toch nog even kijken. Was er toch nog een plekje! We mochten even gaan kijken of het wat was. Nou, bleek een prachtig stuk grasveld te zijn. We namen het! Wij hadden plek!! Camper geïnstalleerd en klaar! Het weer is hier nu prachtig, dus het was chillen in de zon en kletsen met de buren en hondjes aaien. Heerlijke middag. En nu hebben we al gegeten, de dames hebben al gedoucht en we gaan zo, met het mes op tafel, een partij kaarten. Plannen voor de komende dagen zijn ook al ingevuld. We krijgen het nog druk. Fijn weekend, people!!

Fotolink

Voor wie geen facebook heeft, werkt deze fotolink waarschijnlijk.

https://www.facebook.com/media/set/?set=a.1237266296348852&type=1&l=1ec14605a6

Even in je browser plakken.

Gewoon op Niet nu klikken en dan op een foto. Zou moeten werken.

Op de boerderie

Op de boerderie
22 november 2016

En weer ging het Mercedesje, met ons aan boord, op pad. Van Nelson naar Mount Gambier, was een klein stukje. Mount Gambier is gesitueerd op en aan twee uitgestorven vulkanen. Sammy hoorde van Mr. Google dat er ook een sinkhole moest zijn in de buurt, dus daar zijn we eerst even heen gegaan. Er was een mooi park omheen aangelegd. En dan ineens stond je aan de rand van toch wel een behoorlijk groot gat. Volgens de overlevering was het sinkhole in de 19e eeuw ontdekt, maar toen lag het er al wel een tijdje. Was nu al mooi begroeid met allerlei klimop (die naar beneden hing) en ook op de bodem was een mooie tuin aangelegd. Na nog even rond gekeken te hebben en een bakkie gedaan gingen we op pad naar het Blue Lake. Dit is de vulkaankrater die in de Australische zomer van grijs naar blauw kleurt. Wij vonden de kleur nu al mooi, was nog meer groenig. Bleek ook een flinke plas te zijn, er om heen lopen kon. Maar dan was je wel 3.6 kilometer rond geweest. Het water bleek zo goed te zijn, dat het de hele omgeving er mee voorzien wordt. Mooie versie van een watertoren dus. De laatste uitbarsting van de vulkaan werd geschat op 4800 jaar geleden, in geologische begrippen is dat ongeveer tien seconden geleden, dus nog een erg jonge krater. Was op de uitkijkplek ook nog een gast bezig met een drone, leuk om te zien en natuurlijk leverde het prachtige plaatjes op van het meer. Hij vertelde dat hij regelmatig bier verstrekt kreeg als hij voor iemand beelden maakte. Als ik het goed begrepen heb verkocht hij dat bier dan weer en dan kon hij weer nieuwe spullen kopen. Ik vroeg nog of het moeilijk was om te vliegen. Dat viel wel mee, was net zoiets als een playstation, dus was geen probleem voor hem.
Toen zijn we op weg gegaan naar de grotten in Naracoorte. Wilde Sammy graag zien. Bij de infobalie vertelde de mevrouw dat de grotten niet echt rolstoelvriendelijk waren. Eentje was wel redelijk te lopen misschien. Dus we mochten gaan kijken of dat lukte en voor Debbie hoefden we niet te betalen. Dat scheelde weer. Dus op naar de zogenaamde Wet Cave (ik zal jullie de zinspelingen hierop, in het nederlands, door de dames besparen). De grot bleek redelijk toegankelijk met een trap en Debbie is gewoon meegegaan naar beneden. Was niet echt spectaculair. Maar, we deden het er maar mee, niet voor niets bijna honderd kilometer gereden. Toen was het alweer tijd om een camping te gaan zoeken. Keuzes in de buurt waren een commerciële (drukke) Big4 camping of een basic campsite bij de boer. Die laatste werd het. Kleine dertig kilometer rijden. De tomtom had al aangegeven dat er een onverharde weg in de route zat, dat klopte de laatste 3 kilometer naar de camping. Maar die weg bleek van uitstekende kwaliteit te zijn, zelfs beter dan sommige verharde stukken weg die wij de afgelopen weken hebben bereden. De camping bleek op een boerenerf te liggen, leek gewoon braakliggend terrein met hier en daar was plaatsen. Ik heb de camper maar ergens neer gezet en ben even naar het woonhuis gelopen, 400 meter verderop. De mevrouw, Liz, kwam al naar buiten en gaf aan dat ze wel even langs kwam. Die kwam dus gewoon met de auto naar ons toe. Leuk gesprekje gehad en maar 30 dollar betalen. Was echt een back to basics camping, de toilet- en douchegroep waren opgetrokken uit golfplaten! Maar alles functioneerde naar behoren. Er vlogen wel gigantisch veel vogels rond, van kaketoes tot kraaien en andere gekleurde gevederde vrienden. En die maakten met zijn allen aardig wat herrie. Tegen dat het donker werd keerde echter de rust weer. Was er echt doodstil. Heerlijk. Alleen moesten we de deur goed dicht houden want het stikte er van de insecten. Heel veel kleintjes was het op de een of andere manier toch gelukt om binnen te komen. Maar die doen het nu niet meer ….

Heerlijk geslapen in de rust, totdat de vogeltjes weer wakker werden. Zonnetje scheen al lekker en de temperatuur was ook redelijk aangenaam. Dus maar even douchen, Gewoon heerlijk warm water en de deur gewoon open laten, er was toch niemand die me kon zien. En zo stond ik lekker in een warm zonnetje in een golfplatendouche mezelf met heerlijk warm water te douchen. Wat een ervaring.

Toen was het weer back on the road. Langste stuk wat we tot nu toe gereden hebben; 229 kilometer. Naar Menignie (door ons “import-brabo’s” omgedoopt tot MindeNIe). Een route die ons weer langs onafzienbare wijngaarden en akkerland voerde. Ook weer veel bos en glooiende helling. Maar het grootste gedeelte wel hele goede wegen. Fijn om te toeren dus. Rond tweeën kwamen we aan op de camping die aan Lake Albert ligt, met de toepasselijke naam Lake Albert Caravan park. Mooi plekje aan het meer gekregen met pelikanen als achterburen. Ook weer heerlijk rustig. Vanavond hebben we lekker sla gegeten met van alles erbij en daarna een potje gekaart. En nu is het bijna slapen gaan maar moest eerst nog even dit verhaal schrijven voor jullie. Maar nu klaar. We zijn bijna op de eindbestemming Adelaide.

Cape Bridgewater

Cape Bridgewater

Maandag 21 november 2016

Vandaag zijn we op weg gegaan naar Cape Bridgewater, een plek waar een hele kolonie zeeleeuwen woont. We hadden ons voornemen vertelt aan een nederlands stel, dat we gisteren in de kampkeuken hadden leren kennen. Zij kenden het niet en gingen er misschien ook nog wel kijken. Was een klein uurtje rijden. Toen we aankwamen hadden we gelijk weer een prachtig uitzicht over de oceaan en een gigantisch strand. Deze keer was het wel eens druk op het strand, veel surfers, er kwamen dan ook flinke golven vanaf de oceaan. De ingang naar de kaap hadden we snel gevonden. Enig onderzoek wees uit dat het ‘m niet ging worden voor Debbie. Ze zei: “ Gaan jullie maar, nu we er toch zijn. Anders heb je het hele stuk voor niets gereden.” Dat was dan wel weer zo. Ze zou dan wel een stukje naar beneden lopen om op het strand te gaan zitten en een bakkie te doen. Dat was dus afgesproken, Sammy en ik gingen op pad. Was een redelijk begaanbaar pad met flinke hellingen en afdalingen en mooie uitzichten. Na een klein uur waren we op de kaap. En ons loopwerk werd beloond met een goed uitzicht op een aantal zeehonden. Daar waren we voor gekomen! Er waren verschillende plateaus gemaakt waar je ze goed kon zien. Op een gegeven moment kwam het nederlands stel ons vergezellen. Ze vertelden dat ze Debbie even naar het strand hadden gebracht, want het was toch best wel een stukje lopen naar beneden. Dat was helemaal top natuurlijk. Als beloning mocht de meneer even mijn telelens gebruiken, de 300 mm. Hij had alleen maar een 135 mm bij zich. Dus hij was wel blij dat hij ook even wat closer kon fotograferen. No worries, dienst voor een dienst. Even later wezen ze ons ook nog op een aantal dolfijnen, die waren ook lekker aan het jagen. En ook een aantal stormvogels maakten daar gebruik van, die doken zo het het water in om de vissen te vangen die de dolfijnen niet opaten. Waanzinnig om te zien. En toen moesten we natuurlijk het hele stuk weer terug. En het was vandaag tegen de 30 graden, dus het laatste stuk was redelijk “sweaty”. Bovenop de kaap hadden we er niet zo’n last van, daar stond een behoorlijke wind. Maar uiteindelijk kwamen we weer terug op de parkeerplaats, waar Debbie alweer in de camper aanwezig was. Was ze het hele stuk weer zelf naar boven gelopen! Bikkel!!
Nadat we allemaal uitgepuft waren hebben we op de App een camping uitgezocht. Ik vond er een in Nelson die wel wat leuk uit zag. Was een klein uurtje rijden. Was me de route wel weer. Nu door onafzienbare stukken productiebos, iets van vijftig kilometer, en uiteraard met de daarbij behorende vrachtwagens die al het hout vervoeren. Tegemoetkomend en achteropkomend natuurlijk. Af en toe kon ik uitwijken en dan kon zo’n bakbeest ons inhalen, want wij doen het rustig aan met 80 km/u en die jongens rijden makkelijk tegen de 100 km/u. Laat maar gaan.
De camping in Nelson bleek het klein en netjes te zijn met een vriendelijke eigenaar. Mocht zelf mijn plekje zoeken en hij liep even mee om alles te laten zien, van kampkeuken tot de douches. En gelijk was er al weer contact met vriendelijke Aussies, die zijn ook altijd in voor een praatje. Een dame heeft nog even alle shag van Debbie tot peuken gerold, want dat kan Debbie niet zo goed. Ja, ondanks dat sigaretten hier bijna onder de toonbank, voor topprijzen, worden verkocht, rookt ze nog steeds…
En toen was het alweer tijd om te koken, vandaag was het weer eens pasta. Smaakte prima, al zeg ik het zelf. Ben door naar de volgende ronde al was het met de hakken over de sloot omdat de pasta al dente bleek te zijn :-).
Camping ligt aan een rivier en wij hebben daar uitzicht op, prachtig dus. Was net nog een hele mooie avondlucht ook. En vanmiddag waren er pelikanen op de rivier aan het vissen, iets wat wij natuurlijk ook niet dagelijks zien. Al met al weer een mooie dag met goed weer. Al regent het nu, lokale tijd 21:12 uur (mooi he, Henk?), pijpestelen. We call it a day!

Great Ocean Road

Great Ocean Road (GOR)
Zaterdag 19 november 2016

Natuurlijk was ik alweer op tijd wakker deze morgen. Nog even gesluimerd en toen alvast op weg naar het strand om de kliffen van Anglesea bij het goede zonlicht te fotograferen. Was heerlijk rustig op het strand (buiten Bondi-beach nog nooit een druk strand gezien in Australië), dus was lekker wakker worden. Kliffen lagen er mooi bij in schitterende kleuren. Ook was er veel zeewier op rotsen, die bij hoog water onder komen te staan. Dus mooie plek om foto’s te maken. Toen ik op de weg terug was naar de camper kwam ik Sammy tegen, die was ook wakker geworden en moest ook nog even op het strand kijken. Dus samen nog een keer het rondje gedaan. Terug bij de camper aangekomen bleek Deb ook al wakker dus konden we beginnen met voorbereidingen voor de volgende etappe. Het gereed maken van de camper is inmiddels routine geworden. In het begin was het een enorme herrie in die bak, van alles wat los rammelde en kraakte en weet ik niet wat. Inmiddels hebben we ‘m redelijk stil gekregen, niet fluisterstil, maar aanvaardbaar. Mits het wegdek het toelaat, want dat is ook niet altijd het geval, daarover zo meer. In de camper zijn de roosters uit de oven verwijderd, de plaat van de magnetron, er ligt dempend materiaal tussen de kopjes, glazen, borden en kommetjes. De glazen plaat van de kookplaat wordt voor vertrek met ductape vastgezet. En het bestek wordt ook nog een bij elkaar gehouden met elastiek. Ja, wij gaan niet over een nacht ijs.
Goed! Klaar voor vertrek. Op weg naar de GOR. Begon gelijk al met een steile klim het dorp uit. En dan ligt die weg voor je. Nou, GREAT is het wel. Prachtige uitzichten over de oceaan, flinke hellingen en afdaling waar mijn stuurmanskunst flink op de proef werd gesteld. Maar genieten was het wel, er zijn al genoeg foto’s op Facebook geplaatst om jullie mee te laten genieten. Voor de niet-fb-ers zal ik zo eens wat in het blog plaatsen, gaat alleen niet zo snel daar op. Halverwege waren we even gestopt voor wat lunch, en natuurlijk was alles weer overstroomd door onze aziatische medemensen. Afijn, laat maar gaan, het is onvermijdelijk. We hebben ook nog een stop gemaakt bij Cape Otway, een nationaal park met op de uiterste punt een mooie vuurtoren uit 1848. Ik had gevraagd aan de ranger of het met de rolstoel te doen was, zegt hij: je mag wel door het hek rijden naar voren, hoeft ze niet zo ver te lopen. En we hoefden ook maar voor twee te betalen, topgozer. Nou, was dus prima geregeld weer. De vuurtoren zag er prachtig uit en de dames begonnen gelijk aan de klim. Ik buiten even gewacht om een foto te maken dat ze er bovenop stonden en daarna ook naar boven. Prachtig uitzicht over de oceaan en de kust! Wederom genieten. De vuurtoren torent zo’n 90 meter boven het klif uit, dus je kunt je voorstellen wat een uitzicht. Het licht kwam, toen hij nog in gebruik was tot 32 kilometer ver! Dat vertelde de mevrouw die er bij stond. Omdat ze duidelijk in de gaten hadden dat wij interesse toonden vertelde ze honderduit. De techniek heeft veel overeenkomsten met fotografie; fresnellenzen en dioptrie etc (voor de kenners). Dus was een leuke en leerzame gelegenheid. Ze wist zelf nog iets over Europa te vertellen, kon er niet op komen welke eilandengroep nog een bemande vuurtoren had: de Azoren. Kon ik haar nog even helpen :-)

Toen was het weer een stuk terug rijden naar de hoofdweg. Onderweg nog gestopt om koala’s in het wild te zien en te fotograferen. Sammy ook weer blij.
Laatste stuk van de GOR bevatte wel een aantal hele slechte stukken! We werden nogal eens ingehaald door een paar Lamborghini’s en ander snel spul en op een kruising was het een en al grind. Leek ons niet echt goed voor al die dure auto’s. Bij ons spatte het al alle kanten op. En soms hing de camper angstig scheef, maar we hebben het weer gered tot de volgende camping. Toen ik daar een opmerking maakte over de weg zei de mevrouw dat dat kwam doordat er zoveel regen was gevallen de afgelopen tijd, dus veel verschuivingen. Nou dat hebben we gemerkt. Deze camping stond in Princetown, ik mocht zelf kiezen waar ik wilde gaan staan. Ik had al gezien dat er weer flinke hellingen waren, dus ik zei, laat ons maar boven staan. Nou, daar was een plekje, dus die was voor ons. Gegeten hebben we in de lokale pub aan de overzijde, Sammy pizza en wij kipschnitzel. Nou, dat waren flinke porties maar erg lekker. Toen ging het lampje snel weer uit, na weer een bewogen dag :-)

Vandaag, zondag 20 november, was het laatste stukje van de GOR aan de beurt. We zaten maar vijf minuten van de beroemde 12 Apostelen vandaan, dus was het een kort ritje. We wilden eerst de Gibsonsteps doen, dan kon je vanaf het strand de boel aanschouwen, maar die bleken afgesloten te zijn in verband met wat slechte stukken op de trappen. Dat gingen we dan ook maar niet doen. Dus iets verder gereden, naar het bezoekerscentrum. Daar kon je door een tunnel, onder de weg door, via een looppad naar een mooie uitkijkplek. Inderdaad op verschillende niveaus had je een prachtig uitzicht op de Apostelen, ze zeggen nog steeds de 12 Apostelen, maar wij hebben ze niet allemaal kunnen tellen hoor. Er zijn er al wel een paar ingestort door erosie, maar degenen die nog overeind staan bieden een spectaculair uitzicht. Terug bij de camper hebben we nog even lekker gebak zitten eten, gewoon omdat het kan! Toen was het weer rijden richting Warrnambool, de tomtom leidde ons via wat tussendoorwegen. En dan moet je ineens stoppen omdat er een kudde koeien moest oversteken, maakten we dat ook eens mee. We hadden al wel een paar keer borden gezien dat je het vee voorrang moest geven, maar mee gemaakt hadden we het nog niet. Tot op vandaag. In Warrnambool wat boodschappen gedaan om uiteindelijk in Port Fairy aan te komen op de camping voor vannacht. Hele mooie, rustige camping. Alle plekken zijn omgeven door hoge struiken, dus je hebt ook nog eens privacy op je eigen plekje. Sammy en ik zijn nog even richting de kust gewandeld, was best wel een stuk, maar we werden wel beloond met de hoogste golven die we ooit gezien hadden. Prachtig, wat een geweld. En het ging maar door. Toen was het alweer tijd om te gaan koken, uiteraard in de kampkeuken. Lukte allemaal weer prima en was lekker. Mooi stukje vlees op de bbq, en dat voor 10 AUD, da’s nog geen 7 euro! En gebakken aardappels. Wij kunnen er weer tegen. Eens zien wat de dag van morgen weer brengt. L8ter folks!!