Australië, here we go (again)
- G’day virtuele medereizigers.
Het is al weer een tijdje geleden dat er een pennenvrucht van mijn hand verscheen over onze reisavonturen. De laatste was in oktober 2017 toen wij in Amerika waren. Zijn we dan al die tijd niet op pad geweest? Want u voelt ‘m al aankomen natuurlijk, we zijn weer op reis , tenminste ik, Roel, ben onderweg naar Australië. Voor de mensen die het nog niet weten, Debbie is er al tijdje. 45 dagen! Ik heb ze afgeteld :-). Zijn we in de tussentijd dan niet op pad geweest? Echt wel!
In 2018 zijn we in Egypte geweest en waarschijnlijk ook nog enkele concertreizen die ik me nu even niet meer herinner. En in 2019 ook weer de nodige concertreizen naar o.a. Bergen in Noorwegen, Stockholm Zweden en Leeds in Engeland. Allemaal om dat bekende bandje, de Foo Fighters, te zien. En ook nog een trip naar Portugal (ons toekomstige thuisland als alles goed gaat).
In 2019 kregen we ook bezoek van een oude bekende, Sylvia, die we al kenden vanuit de Golden Earring tijd, zij was op bezoek in Nederland vanuit Australië. En zo bekonkelden de dames later onderling, tijdens de nachtelijke (voor Debbie) chatsessies, dat Debbie maar eens moest komen overwinteren in het heerlijk warme Australië. Nou het lijkt me wel duidelijk, op 7 december vertrok Debbie geheel solo naar Australië. Ik had natuurlijk wel bedongen dat ik ook nog even een paar weken langs mocht komen. Om haar op te halen natuurlijk (wink wink). Nee, alle gekheid op een stokje, in goed overleg hebben we dit besproken. En Debbie geniet van het warme weer en dat kan ik me voorstellen en dat vindt ik heel fijn voor haar. Benieuwd of ze nog mee terug wil.
Ik zit dit verhaal te typen aan boord van een Boeing 777 van Emirates met nog een paar uur te gaan tot Dubai. Omdat we zo’n lange reis gingen ondernemen hebben we besloten om het eens op de luxe manier te doen en dus reizen we business class! Nou, ik moet zeggen: dat kan ik iedereen aanbevelen. Het kost wel wat maar dan krijg je ook wat. Wat is dat heerlijk reizen zeg! Vooral straks op het lange stuk van Dubai naar Brisbane (14 uur), alwaar ik daarna nog even een uurtje moet rijden om daarna Mama Syl’s kippensoep te mogen proeven. Die staat al aan in de slowcooker :-).
We vliegen nu boven de zuid-grens van Turkije en gaan zo over Iran richting de Emiraten. Geeft je toch wel een beetje de kriebels, als je weet wat er vorige week allemaal gebeurd is hier beneden.
Dus maar vol gas er over heen captain!
Debbie en ik hebben natuurlijk wel het plan om er nog op uit te gaan en nog een beetje van Australië te zien. Natuurlijk zullen we ook nog genoeg met mama Syl en haar zoon(s) ondernemen. We logeren bij Sylvia, dus voort wat hoort wat.
In Queensland heeft men op dit moment niet veel last van de bosbranden al is het regenseizoen wel een beetje gaande. Het is immers aan het randje van de tropen, dus dat kun je verwachten.
We zien wel hoe het gaat lopen. IK houdt jullie op de hoogte van onze avonturen.
Verhaal geschreven dus ik ga eens proberen online te gaan. Want ook dat kan tegenwoordig in het vliegtuig, verbinding via de satelliet. Geweldig toch!
U hoort nog van mij en Deb uiteraard. See ya!
- Nou, het verbinden lijkt niet echt te lukken. Ik zet het in Dubai wel online, al leest u dat nu pas ....
Mooie afsluiter!
Mede-virtuele-reizigers; we zijn weer thuis. Onderstaand onze belevenissen van de laatste dagen…..
Vrijdag was een rustdag (tenminste dat dachten we). Lekker uitgeslapen en rustig ons ding doen. Totdat er ineens een man opdook op onze oprit. Bleek ene Richard Root te zijn, kwam kijken naar het huisje waar wij in zaten en het huis van de eigenaar. Alles bleek te koop te staan. Die gast te begon te praten en hield niet meer op. Over wat zijn business was enz enz. Deed veel werk voor non-profit organisaties etc. bla bla www.thegoodus.org is er een voorbeeld van. Maar hij kende Jan en allemaal in de wereld van de popsterren en Hollywood. Hield wel van goede muziek, dus dat was dan wel weer leuk. Op een gegeven moment ging hij Neil Young in zijn auto aanzetten, dat schalde behoorlijk over onze heuvel heen. Afijn, wel goede muziek. Een probleem was dat hij wel praatte maar niet echt luisterde als Debbie of ik wat vertelde. HIj deed me erg denken aan Freddy Haayen (oud-manager van de Golden Earring). Dat was ook zo’n type, de sky is the limit. Toen we vertelden dat we naar het rockfestival gingen dacht hij dat hij misschien ook wel zou gaan met een vriend en dan ook nog wel tickets en backstage iets kon regelen. Tuurlijk joh! Eerst maar eens zien en dan geloven.
Een uur of vier later ging hij naar huis omdat hij nog iemand op bezoek kreeg en werden we uitgenodigd om langs te komen. Waarom we hebben ingestemd weten we niet meer maar toch maar gedaan. We moesten de woning en het zwembad komen bekijken. Was vlakbij; dat klopte. Aangekomen bleek het een soort seniorencomplex waar hij dan een appartement had, waar zijn dochter normaal woonde. HIj had zich omgekleed in pak en had ook nog de nodige pakken liggen, o.a. van Hugo Boss, ik mocht ook even een jasje passen. We zijn beleefd gebleven en hebben wat te drinken genomen en zelfs de buurvrouw aangehoord, toen zij als overtuigd Jehova’s getuige om een of andere duistere reden nog iets uit de bijbel voorlas (that’s so not us). Richard had wel verteld dat we atheïsten waren. Na een half uurtje hadden we het wel gezien en maakten we de pleiterik. We hadden allebei zoiets van: Wat moeten we hier nu mee en wat moeten we geloven. Vreemde snuiter; kreeg later nog wat sms-jes (net zo druk als dat hij praatte) over miljoenendeals met vastgoed. Het zal allemaal wel. Je maakt het mee.
‘s Avonds zijn we nog even naar een winkelcentrum geweest om wat te eten en om nog wat inkopen te doen. Eerst maar even in de foodcourt ons volgedouwd; ik iets Thais (curry) en Debbie hamburger met friet. Daarna bij Victoria’s Secret een parfumpje gekocht voor onze (nep)nicht en Debbie iets voor zichzelf. Bij de auto aangekomen kwamen we een vestje te kort, die lag natuurlijk nog bij Victoria’s Secret. Dus ik weer de mall in om op te halen. Je maakt het mee :-)
En toen was het alweer zaterdag, de dag van waar het bij deze reis allemaal om begonnen was. Concertday!!! California Jam 2017!!!
Redelijk op tijd begonnen we aan het uurtje rijden richting San Bernardino, waar het concert plaats zou vinden. We hadden nog niet ontbeten dus er werd vlak voor aankomst nog een bezoekje aan onze favoriete restaurant Denny’s gebracht. Goed eten voor een goede prijs.
Redelijk voldaan reden we het laatste stukje door naar het Glen Helen amphitheater. We mochten behoorlijk vooraan parkeren en waren dan ook snel binnen.
En wat een prachtige plek was het; tussen de bergen dit amphitheater. Het terrein was zelf ook nog behoorlijk heuvelachtig. We hebben de boel even een beetje verkend uiteraard, gekeken waar we konden zitten e.d. De optredens begonnen ook netjes op tijd; als eerste hebben we The struts gezien, lekkere rock met een flamboyante zanger. Engelse band met meer succes in Amerika dan in thuisland Engeland. Geluid was erg goed en in het begin kon ik tot bijna vooraan het podium komen; Amerikanen zijn wat dat betreft behoorlijk gedisciplineerd. Ze vormen mooie rijtjes waar je tussendoor kan lopen (bij de latere optredens was dat wel anders; lees voller). Na the Struts kwam Royal Blood, ook een engelse band, twee gasten die met een basgitaar en drums een geluid als een huis neerzetten. Hadden dan ook behoorlijk succes.
Daarna was het de beurt aan Liam Gallagher, het engelse enfant terrible. Deed wat hij moest doen, speelde zijn nummers en hits, en was van het podium voordat je het in de gaten had.
Met een nummer van Tom Petty opende daarna Cage the Elephant hun set; een mooi tribute aan de maandag overleden zanger. Werd dan ook goed ontvangen door het publiek, wat luidkeels meezong. Deze band zette ook een strak optreden neer; met een zanger die het jongere broertje van Iggy Pop zou kunnen zijn. Op het laatste alleen nog gekleed in zijn strakke onderbroek.
En toen was het tijd voor het echt zware werk: Queens of the Stone-age, met Joss Homme. Wat een geweldenaar is dat. Strakke zanger, mooie kop en puike gitaarspeler. Het geluidsvolume was nu wel in je maag te voelen, de bassen knalden over het terrein. Lang leve de oordoppen! Af en toe even zonder oordoppen geluisterd, geluid was goed maar wel knoerthard. Maar wat een goede en strakke set. Ik lijk wel een poprecensent :-)
Om 09:45 PM kwam eindelijk Dave Grohl het podium op, heerlijk gezicht altijd (onze derde keer). Begint wat pingelen op zijn gitaar (Times like these) en begroet het publiek. Dan begint hij solo te zingen en na een paar minuten komt de rest van de band op en breekt de hel los: The Foo Fighters!!!! Man man man wat een geluid en wat een show. Oude en nieuwe nummers losten elkaar af. We hebben de afgelopen weken de nieuwe cd behoorlijk wat keren geluisterd, dus dat konden we goed mee blèren. Ook drummer Taylor Hawkins speelde nog een nummer van zijn solo-album, zeer strak. Dave kondigde een special guest aan; bleek Rick Ashley te zijn (Never gonna give you up). zorgde voor een vrolijke noot. Was wel lachen, dat nummer in een rockversie. En zit nu dus al de hele dag bij Debbie in der kop!! Nu ook bij jullie; lezers?
Tijdens een van de nummers liep Dave Grohl naar links. Kwam hij onze richting op en liep gewoon vlak langs ons!! Dat was gaaf. Ging verderop midden in het publiek staan spelen en kwam even later weer, vlak langs ons, rennend terug. Iedereen vond dat wel de coolest thing ever!! De artiest waar je voor komt gewoon van heel dichtbij gezien. Dave vertelde dat hij ons even moest voelen….
Maar er was nog een verrassing! Dave vertelde over CalJam, dat het vroeger het festival was waar het gebeurde. En wat zou cooler zijn dan dat een van de deelnemers die op een van die originele festivals had gespeeld even mee zou komen spelen. Dat werd dus Joe Perry van Aerosmith!! Samen speelden zei Jambalaya (is dat van Aerosmith?). Wel goed nummer en Joe Perry speelt nog als de besten.
In een van de laatste nummers werd “The man” opgeroepen, dat bleek Liam Gallagher te zijn. Maf gekleed, met een capuchon op, kwam hij het podium op, waardoor we eerst niet konden zien wie het was. Come together, van de Beatles, werd ingezet. Liam kende zijn tekst niet goed, dus stond hij met een stuk papier voor zijn neus. Zag er niet uit. HIj haalde nog een dame op het podium, zij mocht mee zingen. Kon ze niet echt, maar ze had wel de tijd van haar leven tussen al die legendes.
En toen was het weer voorbij, maar we hadden een geweldige dag gehad. Langzaam gingen we richting de uitgang, tezamen met 60.000 anderen. We stonden gelukkig dichtbij geparkeerd en in een mum van tijd reden we alweer op de snelweg. Moe maar voldaan waren we rond 01:45 uur thuis in ons huisje. De wekker gezet en tukkie doen.
Om acht uur ging de wekker af en hup daar gingen we weer. Opruimen, inpakken en wegwezen. We moesten er om tien uur uit. Dat lukte prima, nog snel even getankt. En op naar LAX. Dat bleek ook nog een drie kwartier rijden; van het rijden in Amerika ga ik nog wel wat missen: het “Keep your lane” en “rechtsaf door rood” werkt toch wel erg goed. De gigantische drukte hier rond LA zullen we daar en tegen zeker niet missen.
Maar ja; auto ingeleverd; met de shuttle naar de terminal en inchecken. Bleek dat onze vlucht vertraging had, maar we konden wel omgeboekt worden naar Parijs en vandaar naar Düsseldorf. Betekende eerder weg en op ongeveer dezelfde tijd in Düsseldorf aankomen. Wij zeiden: Doen!!
En zo zit ik hier op tien kilometer hoogte, in een A380, dit te schrijven.
Vakantie zit er weer bijna op; nog 4537 mijl vliegen (7:30 uur) naar Parijs dan even wachten en door naar Düsseldorf. En dan nog twee uur rijden naar huis, maar die afstanden zijn we nu wel een beetje gewend.
Tijd om een tukje te gaan doen. Hoop dat julie van de verhalen hebben genoten, zoals wij het in werkelijkheid hebben beleefd.
Tot de volgende keer dan maar; op reis naar …..???
Amusement en wolven
Wat een titel; maar we hebben dan ook weer het nodige meegemaakt de afgelopen twee dagen. Voor de woensdag was een dagje amusement gepland, namelijk Universal Studio’s, degenen die ons volgen op Facebook hebben al de nodige foto’s voorbij zien komen. We hebben eens heerlijk de toerist uitgehangen!
‘s Morgens op tijd vertrokken, park gaat om tien uur open en om zes uur al weer dicht. En het is een uur rijden vanaf onze plek. Maar ja, daar houdt Los Angeles geen rekening mee. Niet normaal meer hoe druk het hier is op de snelwegen; onderweg nog wel de beroemde letters “HOLLYWOOD” gezien in de bergen, we zijn er verder niet langs gereden.
Uiteindelijk zijn we dus met enige vertraging toch nog aangekomen bij de Universal Studio’s. Ook daar een gigantische drukte, het begon al in de parkeergarage; bom en bomvol. Je loopt richting het park eerst een heel stuk door een parade van restaurant en andere soorten winkels en bioscoop etc. Echt met grootse reclameborden, dan weet je wel weer dat je in Amerika bent. Alles groter en groter.
We besloten om frontgate-tickets te nemen, dan mag je bij alle attractie met voorrang naar binnen. Kost wel aardig wat meer, maar gaande de dag hebben we er veel voordeel van gehad. Het was heerlijk weer, dus de dag kon niet kapot. En wat hebben we allemaal wel niet gezien: de Minions, op de foto met minions en Gru uiteraard.
Harry Potter’s Hogwart is echt fantastisch nagebouwd, er was een erg heftige ride (je zit in een karretje maar beweegt niet echt). Er wordt namelijk een iMax-video afgespeeld, maar het is erg realistisch en heftig. We hebben zelfs Boterbier gedronken! En dat was nog lekker ook (niet alcoholisch, wel pittig geprijsd). En overal winkeltjes met de bekende Harry Potter-zaken. Bewegende kranten, kinderen konden met hun toverstaf dingen in etalages laten bewegen enz. Maar wat hebben ze kasteel mooi gemaakt zeg! Dat moet je zelf maar komen zien.
Bij de Simpsons hebben we ook de ride gedaan; bleek exact dezelfde als we jaren geleden al eens in Florida gedaan hadden. Heftig maar niet verrassend.
Ook hebben we een studio-tour gedaan, je wordt in een tram het studioterrein rond gereden en er wordt het nodige verteld. En ook zie je plekken waar films zijn opgenomen. De scène uit War of the Worlds, waar een Boeing 747 is neergestort, is erg heftig om te zien. Jaws was een inkoppertje, als je langs rijdt komt de haai uiteraard ineens omhoog uit het water.
De studio’s zijn verdeeld in een hoog en een laag gedeelte. Voor het lager gedeelte moest je met de lift en roltrap. Wij kregen een privé-chauffeur, die ons even naar beneden bracht. Ook daar weer heftige rides gedaan van onder andere the Mummy en Transformers; daar gaat mijn rug. En uiteraard weer op de foto met de nodige “action”-figures: uit de Mummy, Transformers en met een reptiel uit Jurassic Park.
Toen was het zo stiekem weg alweer tijd om richting ons huiske te gaan; maar eerst zijn we nog wel even wezen eten bij Wolfgang Puck; een zeer bekende chefkok. In 2012 hadden we in Las Vegas ook al eens in zijn restaurant gegeten. Toen was het heerlijk en ook nu stelde hij ons niet teleur. Wederom heerlijk gegeten en voor een redelijke prijs.
De terugweg was weer een avontuur; gelukkig eerst maar even Google Maps gecheckt dus een alternatieve route gekozen, noordelijk van LA. Want de zuidelijke route stond helemaal vast, en dat om acht uur ‘s avonds nog. Het was voor ons wel iets om, maar beter blijven rijden dan in de file staan.
Was een leuke maar vermoeiende dag.
Toen we bijna thuis waren kregen we telefoontje van de Wolf Mountain eigenaresse; we hadden dinsdag gebeld of we donderdag langs konden komen voor een rondleiding. Met het telefoontje werd dat dus bevestigd en hadden we voor vandaag (donderdag) wederom een bestemming.
Wolf Mountain Sanctuary (WMS).
http://www.wolfmountain.com/
Debbie had wel eens iets gezien over de WMS en had thuis al gezegd dat ze daar best wel graag heen zou willen. Dat ging dus vandaag gebeuren. We hadden een afspraak gemaakt om er om 11:00 uur te zijn. Voor ons was het een reis van bijna twee uur, helemaal in de bergen, geloof dat het daar ook al woestijn is, grootste gedeelte ging over de snelweg, dus op zich schoot dat wel op.
We waren precies op tijd aanwezig; er stonden nog een viertal mensen te wachten. Met hen samen werden we aan Stephanie voorgesteld en rondgeleid. Stephanie vertelde over de wolven en hun geschiedenis. Alle wolven zijn bij hen opgegroeid en vaak onder slechte omstandigheden bij de WMS terecht gekomen. Bij de WMS doet men alle mogelijke moeite om de wolven toch nog een goed leven te geven; ze kunnen niet meer weg de vrijheid in omdat ze dat nooit geleerd hebben. Maar wat zijn het een prachtige beesten, die toch net als honden, door het hekwerk heen aan je vingers ruiken en likken. En tegen het hek aan gaan staan zodat je ze kunt aaien. Toch bij een aantal wel oppassen voor je vingers. Een van de wolven pieste wel in zijn eigen waterbak, viespeuk. En die leefde met een ander wolf in dat hok. Lekker dan.
Toen haalde Stephanie een van de wolven uit zijn hok! Daar mochten we dus mee op de foto. We moesten op een tafel gaan zitten en de wolf kwam tussen ons in zitten. Wat een mooie belevenis was dat. Zo’n lief beest. Een van de dames werd uitgebreid besnuffeld want die vond ze wel erg lekker ruiken. Ook Debbie en ik mochten uiteraard met haar op de foto. Aaien en kriebelen vond ze heerlijk en ik kreeg nog een paar flinke lebbers in mijn gezicht. We waren dus goed gekeurd. Om haar aandacht erbij te houden maakte Stephanie op een gegeven moment een hoop geluid, de wolven reageerden daarop door ook allemaal te gaan te huilen. Prachtig om mee te maken, zo vlak voor je neus.
Er zijn genoeg foto’s gemaakt van dit gebeuren in elk geval. Toen deze wolf weer terug was in zijn hok zijn wij zelf een ander hok in gegaan waar een andere wolf zat. Daar mochten we ook om de beurt mee op de foto en vertelde Stephanie er het een en ander over. Er zaten ook wolven in opvang die zo getraumatiseerd zijn dat ze daar nog veel tijd voor nodig hebben om die een beetje aan mensen te laten wennen. Maar al met al doet men goed werk om de wolven te beschermen en mensen te informeren over deze prachtige beesten. Na dik anderhalf uur zat het bezoek er op.
Mensen in ons groepje kwamen uit een stadje vlakbij; Big Bear Lake. Zij vertelden ons dat het de moeite was om even die kant op te rijden. Dus dat hebben we dan maar gedaan. Was een prachtige rit door de bergen, wel verder dan dat hij vertelde maar zeker de moeite waard. Het meer stond voor een groot gedeelte leeg; dat zal zich wel weer vullen in de lente. We hebben er wat rondgekeken en wat gegeten en gedronken. En weer een route terug gezocht want de voorgestelde route was weer eens afgesloten. Werd dus weer een rit helemaal om de bergen en door de bergen heen. Op een gegeven moment zaten we al dik twee en een halve kilometer hoog. Was een behoorlijke rit, best wel pittig om te rijden.
Uiteindelijk kwamen we toch weer in de bewoonde wereld en konden we over de highway weer flink doorrijden. Je mag hier, als je met twee of meer bent, gebruik maken van de carpoolstrook. En dat schiet lekker op in elk geval. En gelukkig stond aan onze kant niet zoveel file, LA uit was een grote file! Echt zeker twintig kilometer langzaam rijdend en stilstaand blik de andere kant op. Rond half zes waren wij in elk geval weer thuis.
Waren twee mooie dagen met veel contrasten; dat dan weer wel.
Effe shoppen!!
Effe shoppen.
Vandaag, dinsdag, rustig aan gedaan. In de middag maar eens een grote mall (winkelcentrum) opgezocht. Ik zag bij de zoekresultaten al meerdere $$$ staan, dat betekende dat het niet een doorsnee mall zou zijn, maar een redelijk geprijsde. Nou, dat was ook wel te zien aan het type winkels. Allemaal sjiek de friemel dus. Afijn, wij raken niet zo gauw geïntimideerd door al dat moois, blijven nuchtere hollanders met de knip op de beurs.
Je kon zelfs een Tesla (volledig elektrische auto) kopen alhier. Er stonden drie prachtige exemplaren in de zaak. Even een geanimeerd gesprek gehad met de verkoper, was wel erg leuk en zelfs Debbie vond het mooie auto’s. Maar toch maar even niet doen, de zonnepanelen thuis zijn op dit moment al groen genoeg voor ons. De verkoper vond het dan wel weer geweldig toen ik vertelde dat de taxi’s in Amsterdam voor een groot deel Tesla’s zijn. Ik gaf aan dat hij weer als verkoopargument kon gebruiken bij zijn klanten.
Rond de $ 50.000,00 had je in elk geval al een mooie.
We hadden dus al wat rond gewandeld en verschillende winkels bekeken toen we langs een zaakje in schoonheidsmiddelen kwamen. Debbie werd gelokt door de verkoopster met een free sample en we waren de pineut. Ja hoor, er moest wat op de ogen gesmeerd worden en gelijk tien jaar jonger!! Er kwam nog een andere gladjakker bij; “ He is from our Beverly Hill’s store”. Ding ding alarm alarm. Diverse smeerseltjes werden aangeprezen en ik moest er ook aan geloven. Gelijk de rimpels weg, ongelofelijk!!! Nou, de special price voor ons zou maar $ 1300,00 bedragen. Tuurlijk jongen, maar dat gaan wij niet doen! Maakte Debbie nog de droge opmerking dat ik nog een Tesla moest kopen, dus dat niet uit kon. Uiteindelijk heeft hij ons toch nog een gezichtscrème voor Debbie aangesmeerd (mooie woordspeling) voor $ 100,00. Waren we er toch nog een beetje ingetrapt, maar niet voor $ 1300,00 voor een paar smeerseltjes in elk geval.
Ook was er een alleraardigst theewinkeltje waar ik mijn voorraad weer heb aangevuld. Hele aardige verkoper met goede adviezen, en een hoop thee in de aanbieding. Dus ik kan weer even vooruit en het neemt niet veel ruimte en gewicht in in de koffer.
En bij de Bose-winkel (geluidsapparatuur) nog even geluisterd naar een soundbar-demo. Erg mooi, maar niet handig om mee te nemen. Dat komt nog wel. Toch wel een mooie bluetooth-speaker gekocht, kunnen we thuis (en hier ook al) toch wat beter naar muziek luisteren in plaats van het blikkerige geluid uit laptop en smartphone.
Dus was een middagje lekker shoppen en eten. Even bijkomen van het gesjouw van gisteren. Morgen naar de Universal-studio’s. U hoort van ons.
Los Angeles
Zondag.
Wakker geworden in ons tijdelijke huisje. Gaan het maar eens rustig aan doen. Middagje museum gepland (op aanraden collega). Wederom een flink stukje rijden; zoals alles hier. Museum is La Brea Tar Pits. Een heel bijzondere plek; is een eeuwenoude teerput waarin men rond 1900 ontdekte dat er fossielen in zaten. En dan niet zo maar een paar; miljoenen. Van mammoeten tot minuscule insecten. Tot op de dag van vandaag haalt men nog dagelijks fossielen uit de verschillende teerputten.
En dan te bedenken dat de opgravingen, en nog steeds actieve putten, midden in Los Angeles liggen. Het oppervlak van het teer is bedekt met een laagje water en af en toe welt er wat op, dat zie je overal gebeuren. Boertjes van moeder aarde zullen we maar zeggen. Zo’n mammoet, of ander groot beest, zag dat dan aan voor een drinkplek. Stapte er in en was gedoemd er in te sterven, want ze kwamen niet meer los uit het teer. Andere roofdieren werden dan weer aangetrokken door de geur van rottend vlees, sprongen er op en ook zij waren de pineut. In het museum is een collectie van 401 wolvenschedels tentoongesteld om maar even aan te geven wat een enorme vindplaats van fossielen dit is. En alles is door het teer zeer goed bewaard gebleven. Men moet het alleen minutieus schoonmaken, lees de teerresten er halen, en het kan getoond worden aan het publiek. Alles is wel doortrokken van teer, dus ziet er enigszins donker uit. Maar wel erg interessant om te zien. Aanrader voor als je in LA bent.
Omdat we nog niet zoveel gegeten hadden werd het een vroege diner sessie ergens downtown LA. Onze tomtom brengt ons wel waar we zijn willen, je tikt het in en hij vindt het. Nog even een boodschap gedaan in een nabij gelegen supermarkt en de zondagavond rustig aan gedaan met een beetje tv kijken.
En dan zet je op maandagmorgen de tv aan en zie je wat een idioot heeft aangericht in Las Vegas; 59 doden en honderden gewonden!! Wat een idioot! Nu, op dinsdagmorgen dat ik dit typ, zijn de tv-kanalen nog druk bezig om alles in kaart te brengen over wat er gebeurd is. En maar volhouden dat wapenbezit een recht is in dit land.
We besloten, ondanks de gebeurtenissen, toch maar naar een van de pretparken te gaan: Walt Disney Adventurepark. Half uur rijden bij ons vandaan; we mochten netjes op een invalidenplek parkeren. We hebben onze kaart meegenomen en ik had al eerder aan een agent gevraagd of deze kaart hier ook geldig zou zijn. Hij vond het geen probleem en dacht niet dat anderen daar ook een probleem mee zouden hebben, het was duidelijk dat wij ‘m niet voor niets hadden, wijzend op Debbie in de rolstoel.
Met de shuttlebus werden we netjes bij het park afgeleverd. En daar was gelijk duidelijk dat het leven, ondanks Las Vegas, hier gewoon doorgaat. Wat een drukte! Twee parken aan elkaar gekoppeld en met een gemiddelde prijs van bijna 100 dollar, nou dan gaat het nog niet zo slecht in Amerika.
Het park zag er wel schitterend uit, dat dan weer wel. En dan al die mensen...in allerlei soorten en formaten. Er liepen er tussen die uh hoe zal ik het zeggen … de sportschool al een tijdje niet meer gezien hadden. Man o man, en het lijkt hier gewoon normaal te zijn. Ach ja, als men maar gelukkig is zullen we maar zeggen. Dus als je met kerst een kilootje bent aangekomen, maak je geen zorgen. Het kan veel, veeeel, erger.
We zijn in de nodige attracties geweest van een supersnelle rollercoaster tot in een relaxt reuzenrad, al konden de gondels ook nog wel weer heen en weer slingeren. Daar was de dame bij ons in de gondel niet erg blij mee, die had het spaans benauwd. Erg leuk was ook de Cars-race, waarbij je een parcours aflegt in een race met een andere auto. Echt prachtig gemaakt.
Een topper was ook de vier groene mannen, de soldaten uit ToyStory, die een show neerzetten met drums en een zeer goed gebekte presentator/drill sergeant. Die hebben we twee keer gekeken omdat het zo leuk was.
Ook erg mooi was de uitvoering van Frozen, in een prachtig theater, we kenden beiden die film niet, dus dit was een eerste kennismaking. Er werd prachtig gezongen en geacteerd; een kleine meid voor ons kende de film wel. Ze zong en danste uitbundig mee. Was een mooie Disneyproductie, dus waar voor je geld.
Toen was het inmiddels al zes uur geworden en had ik al de nodige kilometers gesjouwd en geduwd. Ook begon het af te koelen; dus hebben we een hapje gegeten en wat sweaters gekocht (want natuurlijk geen vest bij ons) en vonden we het wel mooi voor de dag.
Bye bye
Een eigen huis, een plek onder de Californische zon ....
Alweer een paar dagen en vele kilometers verder.
Donderdag wilden we vanuit Monterey langs de kustweg, de “1”, rijden richting Cambria. Leek ons een hele mooie route, dus ingetoetst in de Tomtom (wat ben ik toch blij met dat ding) en op weg. We reden goed en wel Monterey uit toen er borden verschenen dat de weg voorbij Big Sur, een plaats op de route, afgesloten was en dat er geen omleidingen beschikbaar waren. Na enige twijfel en wat op zoeken bleek dat de weg afgesloten was i.v.m. modderstromen en andere ongein. Dus maar weer terug naar Monterey om dan maar via de saaie highway te rijden. Het saai viel nog wel mee, het is toch wel een mooi landschap met veel heuvels en dalen en mooie vergezichten.
Aangekomen in Cambria was het even zoeken naar een geschikt onderkomen voor de nacht. Er was een keur van hotels en lodges voorhanden. De keuze viel op een van de laatste in de lange rij langs de kustweg. Bleek een goede keuze, kamer was erg netjes, nieuw, en erg mooi ingericht. Dat zag je er aan de buitenkant niet vanaf. ‘s Avonds hebben we lekker gegeten bij een van de lokale restaurants. En daarna bij het hotel nog even lekker buiten gezeten bij het haardvuur. Lekker makkelijke vuurtje, knopje indrukken et voila: vuur!
Vrijdag zijn we maar gaan rijden en uiteindelijk in Oxran uitgekomen, we hadden er nog nooit van gehoord. Ligt aan de kust voor Los Angeles. Wederom in een Holiday Inn geslapen, dat is altijd goed. We moesten ook nog iets zoeken in een Hallmarkwinkel dus ‘s middags er nog maar even op uit. Helaas had de winkel het item niet, dus daar moeten we nog even verder naar op zoek. Het liep al tegen etenstijd dus dat werd sushi! Debbie in een sushi-tent, kun je het je voorstellen :-) Maar ze heeft een mooi mootje zalm gegeten en ik een overheerlijke sushi, het was weer een plaatje. Bijna zonde om op te eten, zo mooi opgemaakt. Maar lekker toch gedaan.
Vandaag, zaterdag, was er een bananenfestival in Oxran, wat het nu precies inhield weten we nog steeds niet, maar we zijn wel even wezen kijken. Was maar vijf minuten lopen vanaf het hotel. We waren iets te vroeg en alle amerikanen stonden netjes in de rij te wachten totdat het open ging, netjes hoor. Op het festivalterrein waren allerlei standjes met uiteenlopende zaken, zoals van een asiel, de seasheppard, de marine, gezicht schilderen enz enz. En uiteraard kreeg je bananen!! En Debbie is nog op de foto gegaan met een Minion (bananaaaassss). Na enige tijd vonden we het welletjes en was het weer tijd om “On the road” te gaan.
In eerste instantie wilden we richting Riverside, dat ligt in de buurt van San Bernardino (waar we a.s. zaterdag naar het popfestival gaan). Debbie was de hele weg bezig om een geschikt onderkomen te vinden. Maar bij een tussenstop hebben we het een en ander nog maar eens goed bekeken en werd de keuze gemaakt voor een woning van AirBnB, in La Habra Heights. Online geboekt en betaald! En dus op weg naar het genoemde adres. We waren er al iets voorbij dus moesten weer een klein stukje terug.
Op de heenweg hadden we in de buurt van L.A. ook al kennis gemaakt met de verkeersgekte hier. Wat een blik op de weg! Echt niet normaal meer, vijf zes rijen dik in beide richtingen. Rijdend en dan weer stilstaand, dus de rit duurde wel wat langer dan verwacht. Maar uiteindelijk kwamen we dan toch bij het huisje aan. Daar bleek dat we nogal onverwacht aankwamen, de eigenaresse was nog onderweg vanuit Parijs en de hulp was nogal overdonderd. Maar ze ging wel gelijk het huisje aan kant maken, want het werd gebruikt door een van de dochters of zoiets, of we even wilden wachten met honderdduizend excuses. En wij zeiden: “ Doe maar rustig aan. We hebben alle tijd.” Uiteindelijk mochten we naar binnen en hadden we ons eigen (tijdelijke) huis. Hoog tegen de heuvels in La Habre Heights. Eindelijk geen gesleep met koffers meer, hotel in hotel uit.
Snel de boel ingericht en nog even een hapje wezen eten.
Zojuist nog een bericht van de eigenaresse ontvangen, ook met excuses dat ze niet gereageerd had. Maakte ons niet uit, de huishoudster had goed voor ons gezorgd. We snapten wel dat het haar niet lukte vanuit het vliegtuig.
We zitten nu op een redelijk centrale plek dichtbij L.A.. Dus van hieruit kunnen we nog wel wat uitstapjes maken. Maar eens zien waar we de komende dagen allemaal uitkomen. We houden jullie op de hoogte.
Van Merced naar Monterey
Eens even graven in het geheugen wat we de afgelopen twee dagen weer hebben beleefd…. We komen er na een aantal overnachtingen achter dat ontbijt inbegrepen is in de prijs, dat mag dan ook wel want echt goedkoop zijn de meeste hotels hier niet. Dus maar even lekker ontbeten in de Holiday Inn in Merced. Ze hebben hier zelf al een pancake-machine! Het moet niet gekker worden. Plan is om weer richting de kust te gaan, naar Monterey. Bleek een ritje van zo’n kleine 200 kilometer te worden, dwars door Californië, van het midden naar de westkust. Mooie rit door eerst een heel plat landschap; mijn opmerking: “‘t liek Grun’ wel” was hier wel op zijn plaats. Maar na enige tijd maakte het platteland toch weer plaats voor heuvels, ook hier een dor landschap van gelig gras. Wel een mooi gezicht. We passeerden ook nog een gigantisch stuwmeer, bestemd voor het opwekken van elektriciteit en bevloeiing. En toen was daar weer de kust.
In het stadje Monterey hadden we een boottrip geboekt om, hoe kan het ook anders, walvissen te gaan spotten. De folder hierover hadden we in het hotel in Merced gezien. Zodoende waren we deze kant opgegaan. En Monterey blijkt een heel gezellig stadje te zijn, lang niet zo druk als bijvoorbeeld San Francisco, en ook met een Fisherman’s wharf! En, zo werd ik er op Facebook aan herinnerd, Monterey is natuurlijk de plek waar 50 jaar geleden het beroemde Monterey popfestival plaatsvond, 2 jaar voor Woodstock. Veel van mijn helden traden hier toen op; heilige grond dus.
We waren iets te vroeg voor de boottocht, dus nog maar even rond gekeken op de gezellige wharf. Rond enen vertrokken we met de boot richting de baai, zo’n uur varen naar de plek waar men meestal de walvissen vindt. En inderdaad; ze waren er zoals afgesproken. Iedere keer toch een prachtig gezicht om die gigantische beesten te zien ademen en weer weg te zien duiken met een blik op de gigantische staart. Ik had inmiddels al een gesprek aangeknoopt met een amerikaanse fotograaf, en dat bleek wel een autoriteit te zijn! Fotografeert al zo’n tien jaar de walvissen, orka’s en dolfijnen in de baai. Kijk maar eens op www.bigsurphoto.com Helaas hebben wij niet gezien wat hij al gefotografeerd heeft, springende walvissen en orka’s. Maar wat een aardige man, deze Daniel Bianchetta. Na een uurtje rond dobberen was het weer terug naar de haven varen. We besloten maar eens de visschotels te proberen waar we altijd over horen, en wat we zien in de kookprogramma’s. Krab en kreeftenstaart. Of we zaten in het verkeerde restaurant of wij snappen het niet helemaal, maar echt onder de indruk waren we niet van de gerechten (voor dat geld). Het was lekker maar niet echt bijzonder. Dus dat gaan we maar niet weer doen.
Overnachting was in een Best Western hotel, hadden we op de valreep nog geregeld. Iets anders dan we gewend waren bij de Holiday Inn’s, maar netjes en we hadden een bed.
Vandaag, woensdag 27 september, zijn we eerst een ander hotel wezen regelen. Lastig als de telefoonverbinding niet zo goed is of dat het mens aan de andere kant een beetje onverstaanbaar praat. Maar hoezee, de boeking lukte toch. Na het ontbijt zijn we richting het Monterey aquarium gegaan. Ondanks de veteranen- en gehandicaptenkorting (we blijven zunig) toch nog een behoorlijke toegangsprijs. Maar het was het waard. Wat een mooie basins en wat een diversiteit aan leven. In een woord prachtig. Het aquarium is gelegen aan de kust en je kon dus ook naar buiten om naar de oceaan te kijken, en als er dan ook nog een walvis rond zwemt, dan kan je dag toch niet meer kapot! We hebben heel wat uurtjes doorgebracht in het aquarium, genietend van al het moois. Toen was het met de auto helemaal naar het nieuwe hotel rijden vanaf de parkeergarage, wel minstens een minuut! Doodop van die rit hebben we ingecheckt en onze nieuwe kamer betrokken.
Tegen de avond zijn we gaan dineren in een restaurant wat goed aangeschreven stond in de gidsen. En het klopte; prima eten en een fantastisch uitzicht over de Monterey-baai.
De temperaturen zijn overigens ook prima hier, plus 25 graden iedere dag, heerlijk weertje dus. Zal weer tegenvallen als we terug zijn.
Na het eten weer terug gewandeld naar ons hotel, nog een film gekeken op HBO en nu is het weer bedtijd.
Bye bye
Effe er weer inkomen ....
Zo, virtuele medereizigers…
Hier het verhaal van onze eerste dagen in zonnig Californië.
Donderdagnacht 22 september waren we al vroeg onderweg, 3:30 uur!, richting Düsseldorf. Alwaar onze reis zou beginnen (wij waren toen al 2 en een half uur aan het rijden geweest vanuit Zeeland). Ingecheckt, en gelijk assistentie gekregen voor Debbie. Altijd handig, iemand die de rolstoel duwt. Om 08:10 uur vertrokken we voor de wereldreis naar Schiphol, Amsterdam. In een mum van tijd waren we daar uiteraard. Ook daar werden we netjes opgewacht door twee assistenten, met een busje. We werden naar de vertrekhal gebracht en daar weer verder, met een elektrisch karretje, naar de shopping-area. Daar wat inkopen gedaan en om 12:00 uur zaten we in het vliegtuig voor de vlucht van een kleine tien uur. We hadden gelukkig wind mee, want anders duurt de vlucht een uur langer. Altijd fijn.
De vlucht naar San Francisco was er weer een van lijdzaam uitzitten; films kijken, boekje lezen, tukkie doen. Na de landing was het even zoeken naar de autoverhuurbedrijven; bleek dat we met een trein naar de andere kant moesten. Autohuur was zo geregeld, uiteraard met veteranen- en militaire korting (toch 300 dollar goedkoper)! Gelijk maar even gevraagd naar hotels (we doen deze reis een beetje op de bonnefooi, daarover straks meer). De meneer gaf ons de tip om niet in SF zelf te gaan zoeken maar een beetje meer buiten de grote stad. Dus dat werd de Holiday Inn in San Mateo. Keurige kamer met goede bedden en meer dan genoeg ruimte.
Op zaterdag zijn we richting San Francisco gegaan. In de reisgids hadden we een route gezien van zo’n 49 mile, gemarkeerd met borden. In de gids stond ook dat je goed op moest letten op de borden omdat ze niet altijd goed zichtbaar waren door begroeiing etc. Nou, begroeiing bleek niet het grootste probleem. Het was meer dat een aantal van de borden er al zo lang hangen dat de beschildering helemaal vervaagd was, zie dan maar eens de juiste route aan te houden. Dus regelmatig werd de reisgids geraadpleegd (bedankt nicht Ruth voor het lenen) om de juiste route weer op te pikken. Uiteindelijk hebben we toch wel het een en ander kunnen zien; uitzicht vanaf Twin Peaks (ja echt) over de stad was fenomenaal. Maar wat was het overal druk; op weg naar Fisherman’s Warf waren we wat eerder op de route gestopt bij een andere kade. Ook daar gigantische mensenmassa’s, en dat vinden wij, provincialen, niet echt meer je van het. Met Debbie in de rolstoel dan ook niet echt te doen. Langs Fishermans Warf rijdend besloten we dan ook maar om geen poging te doen daar rond te kijken. Wat een drukte. Dan maar op weg naar de Golden Gate brug, daar was het een stuk rustiger. Mooi even van onder de brug rond gekeken. Toen waren we, ook nog een beetje moe van de reis, het wel zat en zijn we terug gegaan naar het hotel.
Op zondag was het de bedoeling om richting Yosemite Park te gaan. Na een flinke rit van 250 kilometer kwamen we aan bij een lodge waar we wilden overnachten om dan op maandag Yosemite te gaan bekijken. Aangegeven dat we twee nachten wilden blijven, maar we moesten wachten totdat de kamer gereed was. Dus na enige tijd weer gemeld, bleek dat er toch geen kamer beschikbaar was voor twee nachten; we konden naar een lodge iets verder gaan om daar te boeken. Men had gebeld en er was wat beschikbaar. Ook hadden we al een reservering gemaakt om op maandag met een bus mee te gaan om de hoogtepunten van YP te zien. Aangekomen in de andere lodge bleek er eerst niet en daarna weer wel een kamer beschikbaar te zijn. Nou ja, kamer, weggemoffeld in een hoekje en niet echt comfortabel. Harde bedden, rare geluiden etc. Dus besloten om van de twee nachten er maar een te maken en dan op maandag weer weg te rijden. Ondertussen kregen we een telefoontje dat er voor de bustour geen plaatsen meer beschikbaar waren…. Toen was de maat vol en besloten we de hele boel maar te schrappen. Dat viel ook weer niet mee want de kamer was na vier uur geboekt en ze kon dus geen geld teruggeven. Tuurlijk, kamer niet gebruikt en dan geen restitutie. Het was er zo druk dat die kamer waarschijnlijk binnen een uur weer geboekt zou zijn. Uiteindelijk de helft van de prijs terug gekregen; de rest ga ik wel bij Visa proberen terug te krijgen. Kamer was ook niet goedkoop, $149. Op naar iets anders dan maar. Aangezien YP in de middle of nowhere is betekende dat weer een flink stuk terug rijden. In Merced vonden we weer een Holiday Inn, route ingetoetst en weer anderhalf uur terug rijden! Daar hadden ze gelukkig wel een kamer, stukken beter en dat voor $ 91,00! Had weer korting gekregen op mijn veteranenpas :-)
‘s Avonds besloten om op maandag toch nog maar naar YP te gaan, omdat het anders zonde zou zijn. Nu waren we nog in de buurt. En daarna zagen we wel verder.
Dus vandaag, maandag, weer op weg om dezelfde route terug te rijden. Uiteraard eerst weer even wezen ontbijten bij Denny’s. Dan hoeven we tussen de middag niet te eten, met zo’n ontbijt kun je er wel even tegen. Na zo’n honderd kilometer waren we weer terug waar we op zondag waren gestopt….. Bij de ingang kregen we wat tips en trucs, en een tijdelijke invalidenparkeerkaart. Altijd handig! Toen YP ingereden en dan begint het gelijk al. Gigantische bergmassieven aan alle kanten, blijft altijd indrukwekkend. We hadden een korte route gekozen die uitkwam bij het bezoekerscentrum, ook hier bleek dat we niet alleen waren. Wat wederom een mensenmassa, nou ja de auto’s stonden er. Iedereen was waarschijnlijk aan het hiken (jezelf de typhus lopen in berg en dal). Niet voor ons weggelegd dus. Wij konden gewoon met de auto tot aan een meer komen, mochten gewoon met onze kaart doorrijden tot aan het einde! Overal de nodige foto’s gemaakt en na enige tijd hadden we het wel gezien en ging het weer richting Merced. Aldaar in het winkelcentrum een hapje gegeten en daarna terug naar het hotel. Morgen gaan we weer richting de kust voor een nieuw avontuur. En dat beloofd wel weer een heel mooi avontuur te worden als we geluk hebben…..